ARGUS informeert en inspireert voor een duurzame, milieuvriendelijke samenleving.
De nieuwssite www.argusactueel.be brengt nieuws en actualiteit over milieu, natuur en duurzame ontwikkeling.
Maak kennis met alle andere projecten van ARGUS op www.argusmilieu.be.
22 Februari 2010 - Why Evolution is True
In dit boek rekent evolutiebioloog Jerry Coyne af met de creationisten, die achter de façade van het concept ‘intelligent design’ de evolutietheorie trachten te ontkennen.
In dit boek rekent evolutiebioloog Jerry Coyne af met de creationisten, die achter de façade van het concept ‘intelligent design’ de evolutietheorie trachten te ontkennen. Intelligent design verklaart de karakteristieken van het heelal en van levende wezens als het werk van een intelligente ontwerper in plaats van als het resultaat van natuurlijke selectie.
In dit boek rekent evolutiebioloog Jerry Coyne af met de creationisten, die achter de façade van het concept ‘intelligent design’ de evolutietheorie trachten te ontkennen. Intelligent design verklaart de karakteristieken van het heelal en van levende wezens als het werk van een intelligente ontwerper in plaats van als het resultaat van natuurlijke selectie.
Coyne pakt hierbij graag uit met recente fossiele vondsten. Dergelijke vondsten bewijzen steeds opnieuw dat Darwin en zijn opvolgers gelijk hebben: nieuwe vondsten van overgangsvormen bevinden zich in geologische lagen uit de periode die je op basis van de evolutietheorie mag verwachten. Hij is vooral sterk met voorbeelden, zoals die van een reptiel met veren of een overgangsvorm tussen mieren en wespen. De creationistische ontkenning van de evolutie van landdier naar zeedier of van landdier naar zeedier tout court bekampt hij niet alleen met fossiele voorbeelden maar ook met meer herkenbare beelden. “Het is goed mogelijk dat nijlpaarden, mits ze al hun nodige voedsel in het water zouden vinden, op termijn evolueren in waterdieren.”
Coyne stelt eveneens dat het ‘intelligent design’ lang niet zo intelligent is als de aanhangers ervan beweren. Het skelet van walvissen bevatten nog beenderen die ze niet gebruiken, maar die duidelijk restanten zijn van verdwenen achterste ledematen. Waarom zou een intelligente designer nutteloze organen scheppen, zoals onze appendix? Bij bladetende diersoorten is dit wel een nuttig orgaan, omdat het mee instaat voor de vertering van cellulose. Ondanks de teneur en de term ‘bad design’ laat Coyne wel veel kansen liggen om de polemiek wat humoristischer maken. Waar hij zegt dat de appendix wel een doel heeft, het voorbestaand van de chirurgen, geeft hij dit gewoon weer als citaat van een andere auteur.
Een van de sterkste punten van Coyne is dat hij niet koste wat kost wil overtuigen dat de evolutietheorie klopt. Hij staat zelfs huiverig tegenover allerlei theorieën van biologen, filosofen en vooral psychologen, die een aantal hedendaagse fenomenen een evolutie-achtergrond willen geven. Zoals het feit dat homofilie (nog altijd) veel voorkomt. Terwijl je normaal zou verwachten dat genen die aanzetten tot ‘gay behaviour’ veel minder tot nakomelingschap zouden leiden. De ‘verklaring’ zou zijn dat homo’s in het menselijke verleden bij hun moeder bleven en haar hielpen met het in leven houden van haar ‘gezin’, zodat de ‘gay’ genen zich handhaafden omdat door deze huishoudelijke hulp jongere broers en zusters van homo’s meer overlevingskansen hadden. Coyne weigert dergelijke stellingen in zijn argumentering op te nemen, om de eenvoudige redenen dat erg het moeilijk zou zijn niet alleen om een bewijs ervoor te vinden, maar zelfs om de bewijsbaarheid ervan te formuleren.
Die verantwoord wetenschappelijke aanpak is een goede zaak. Maar kan hij voorkomen dat de strijd tussen creationisten en evolutionisten uiteindelijk uitgevochten worden in schoolbesturen, op rechtbanken en in parlementen? In België lijkt zo’n situatie weinig waarschijnlijk. Wat de evolutietheorie betreft toch. Want onze politici vonden het ooit nodig een wet te stemmen die het ontkennen van de Holocaust strafbaar maakt. Terwijl het bestaan met alle gruwelijke aspecten ervan toch al herhaaldelijk bevestigd was door wetenschappelijk onderzoek.




