ARGUS informeert en inspireert voor een duurzame, milieuvriendelijke samenleving.
De nieuwssite www.argusactueel.be brengt nieuws en actualiteit over milieu, natuur en duurzame ontwikkeling.
Maak kennis met alle andere projecten van ARGUS op www.argusmilieu.be.
12 Juli 2012 - Total slaat CO2 op in Franse ondergrond
LACQ - Nabij Pau, in Zuidwest-Frankrijk, heeft Total een pilootfabriek opgestart voor de opvang en ondergrondse opslag van CO2.
Manager Jacques Monne stelde het project enkele weken geleden voor tijdens de Gas Week in het Europees Parlement. Hij vermoedt dat de toegepaste technieken geschikt zijn voor gebruik op zowat 7.000 sites wereldwijd.
"Voor steenkoolgestookte energiecentrales, voor staalbedrijven, raffinaderijen en petrochemische fabrieken," preciseert hij. Total verricht al meer dan tien jaar onderzoek in 'carbon capture and storage' (CCS) en is ook actief betrokken bij diverse projecten, zoals Sleipner en Snøhvit, allebei offshoreprojecten in Noorse wateren.
Het grote verschil met Lacq is dat de CCS hier op en onder het vasteland plaatsvindt. Het is ook de eerste geïntegreerde CCS-installatie in Europa, met zowel opvang als transport en opvang van het CO2.
In Lacq wint Total lokaal aardgas, op een diepte van 4.000 meter. Het verbrandt dit gas ter plaatse, voor de productie van stoom en zo van elektriciteit. Afnemers van die elektriciteit zijn de industriële ondernemingen die op dezelfde site gevestigd zijn. Een van die bedrijven is Air Liquide. "Onze partner in het CCS-project. Air Liquide scheidt zuurstof en stikstof uit de atmosfeer, commercialiseert de stikstof en zendt de zuurstof naar onze verbrandingsketels. Er komt wel wat argon mee, maar dat is een inert gas. Dat er geen stikstof in het verbrandingsproces terechtkomt, heeft het grote voordeel dat er dan ook geen schadelijke NOx-en gevormd kunnen worden.
Voor de opslag van het bij de verbranding opgevangen CO2 gebruikt Total een vroeger geëxploiteerd ondergronds gasbekken, waarin het op jaarbasis 60.000 ton CO2 injecteert, via één enkel injectiepunt. Dat vergemakkelijkt de monitoring. De top van de opslaglaag ligt 4.540 meter diep.
Transparantie
"We betrokken alle stakeholders bij de totstandkoming van het project," aldus Monne. Hun feedback leidde er onder meer toe dat Total de compressoren in een afgesloten gebouw onderbracht, om akoestische overlast te vermijden. "Transparantie blijft een belangrijke zorgt tijdens de hele duur van een CCS-project. Onze aanpak omvat ook een driemaandelijkse infobrief. We installeerden ook een hotline en stelden een wetenschappelijk adviescomité samen." Total werkt hier nauw samen met universiteiten en wetenschappelijke instellingen. Onderzoekers van Franse universiteiten krijgen vrije toegang tot de opslagzone van Rousse om er hun onderzoeksprojecten uit te voeren.
Total heeft alvast het voordeel dat het al meer dan zestig jaar actief is in de streek en er op een brede maatschappelijke aanvaarding kan rekenen. "We exploiteren hier al sinds 1957 aardgas. We kozen precies de oude boorput van Rousse voor opslag, omdat we deze site door en door kennen." De beslissing om hierin 60 miljoen euro te investeren viel einde 2006. De operationele activiteiten gingen begin juli 2009 van start en begin 2010 pompte Total de eerste volumes CO2 in het lege gasreservoir.
Total gebruikt de pilootfabriek om de technische haalbaarheid en veiligheid van de techniek te tonen en om operationele ervaring en gegevens te verkrijgen. "Op termijn willen we de capaciteit van de elektriciteitsgeneratie met CO2-opvang opdrijven van 30 naar 200 MW, van pilootinstallatie naar een industriële schaal. We willen ook de geologische kwalificatie- en monitoringtechnieken verfijnen, voor toekomstig gebruik in grootschalige CO2-opvang op het vasteland."
Het transport van de CO2 vindt plaats via een 27 km lange gasleiding van Lacq naar Rousse. Total houdt permanent de temperatuur, de druk en de seismische activiteit in de gaten. "We gebruiken onder meer microseismische sensoren, om drukverlies- en reservoirmodellen te kunnen kalibreren en de impact van de injecties op de omgeving te kunnen evalueren.
Uitgebreide monitoring
De microseismische apparatuur staat opgesteld in zeven ondiepe putten, één vlakbij de injectieplaats en zes andere in een straal van twee kilometer rondom. Total gebruikt ook een seismometer om de natuurlijke seismische activiteit op te meten en te verrekenen. "Wanneer we een magnitude hoger dan 3 meten, leggen we het injecteren meteen stil. Totnogtoe hebben we geen enkel seismisch event gezien dat verband houdt op de CO2-injectie." Gemeten parameters zijn onder meer de CO2- en CH4-concentratie (CH4 = methaan, het hoofdbestanddeel van aardgas) en –flux en de chemische en minerale inhoud van diverse waterhoudende lagen, ook die waaruit de stad Pau haar drinkwater put. Het monitoringprogramma omvat ook bio-indicatoren in vijf riviertjes en een jaarlijkse inventarisatie van de flora op 33 plaatsen en van amfibieën en insecten op 50 plaatsen. Fauna en flora zijn erg gevoelig voor mogelijke lekken." Sinds 2009 zijn er nog geen veranderingen gevonden, maar een langetermijnmonitoringprogramma staat vooralsnog niet op punt. Monne wijst erop dat de kostenschattingen voor CCS op industriële schaal, zelfs bij gasverbranding met pure zuurstof, nog altijd erg hoog liggen. "Om de installaties op grotere schaal te ontplooien en te stroomlijnen is nog meer onderzoek noodzakelijk."
In 2030 zal Total de eerste onderneming zijn om een injectieput terug te geven aan "het publiek." Maar ook daarna zal monitoring nodig blijven.
In de kijker
- 17/05 - Steeds meer schade door natuurrampen: een nieuwe economische crisis in de maak?
- 16/05 - Droogte teistert Australië
- 15/05 - Wereldberoemde Groot Barrièrerif in gevaar
- 14/05 - Bewezen: luchtvervuiling veroorzaakt astma
- 13/05 - Blootstelling aan chemische stoffen minstens zo dodelijk als malaria










