ARGUS informeert en inspireert voor een duurzame, milieuvriendelijke samenleving.
De nieuwssite www.argusactueel.be brengt nieuws en actualiteit over milieu, natuur en duurzame ontwikkeling.
Maak kennis met alle andere projecten van ARGUS op www.argusmilieu.be.
30 November 2010 - Welke toekomst voor het Europese milieubeleid?
BRUSSEL - Is er nood aan een opvolger voor het zesde Milieuactieprogramma? Hoe geeft de EU de komende 10 jaar vorm aan haar milieubeleid? Tijdens een congres werd hierover uitgebreid gedebatteerd.
Het zesde Milieu Actie Programma (MAP) vormt de ruggengraat van het huidige Europese milieubeleid. Niet alleen wordt hierin de richting aangegeven waarin alle lidstaten met hun milieubeleid naartoe moeten. De doelstellingen in dit plan kunnen bovendien door de Europese Commissie en het Europees Hof van Justitie worden afgedwongen. De nadruk ligt op een thematische, integrale benadering van milieuproblemen in plaats van een sectorale benadering. Deze benadering werkt door in wetgeving van de lidstaten en betekent voor lokale overheden onder meer dat steeds meer een integraal beleid moeten voeren door de milieugevolgen voor meerdere sectoren in het beleid op te nemen.
Het 6de MAP loopt in 2012 ten einde en dit roept belangrijke vragen op: is er nood aan een 7de MAP, dat opnieuw over een langere periode geldig is? En wat moet er dan in dit programma staan? Wordt het beter een strategisch nota, dan een actieprogramma? En is het 6de eigenlijk al helemaal uitgevoerd? Wachten we niet beter op een grondige evaluatie van het 6de MAP, vooraleer we verdere stappen ondernemen?
Over deze en andere vragen werd op 25 en 26 november 2010 tijdens een conferentie in Brussel in verschillende sessies gedebatteerd over het Europese milieubeleid voor de komende tien jaar. De conferentie werd georganiseerd door Minister Evelyne Huytebroeck in het kader van het Belgische voorzitterschap van de Europese Unie. Er namen zo’n 400 deelnemers aan deel waaronder de Europese milieucommissaris Janez Potocnik, de vicevoorzitster van het Europees parlement, Isabelle Durant, de milieuministers van Duitsland, Denemarken, Hongarije, Polen en Slovenië, allerlei topexperten en tal van maatschappelijke vertegenwoordigers.
De conferentie kwam tot het besluit dat de Europese Unie wel degelijk nood heeft aan een heus 7de milieuactieprogramma. De voorbereiding ervan wordt een taak voor het Parlement en de Europese Raad, maar ook de burgermaatschappij in haar geheel moet hierbij worden betrokken, zo luidde het. De ervaring leert immers dat beleid best wordt aangestuurd via een participatieve democratie. Gemakkelijk zal dit zeker niet zijn, gezien de vele maatschappelijke hete hangijzers van vandaag: de economische crisis, de terreurdreiging, internationale conflicten enz.
Het onderwerp doet heel wat controverse ontstaan, wat nog maar eens benadrukt hoe belangrijk het wel is. De Europese Commissie wil eerst de resultaten van de evaluatie van het 6de MAP – medio 2011 - afwachten alvorens te opteren voor een nieuw milieuactieprogramma. De Commissie is eveneens van mening dat het voorstel dat ze in 2011 op tafel zal leggen over het efficiënt gebruik van de hulpbronnen, in het kader van de Europese Strategie 2020, al een belangrijke stap is in de richting van een milieuprogramma. Maar ook al zijn bepaalde milieuaspecten aanwezig in deze strategie, toch is die in de eerste plaats van sociaaleconomische aard. Een echt milieubeleid moet verderreiken dan de economische dimensie en omvat ook aspecten zoals gezondheid, de bescherming van het milieu voor de toekomstige generaties, gedragswijziging, specifieke milieuonderwerpen zoals de diffuse vervuilingsbronnen enz. Een specifiek milieuprogramma is dus een must.
De grote meerderheid van de lidstaten en bijna alle milieu-actoren (NGO’s, politiek enz.) willen nog verder gaan en een heus 7de programma realiseren.
Waaruit moet dat programma dan bestaan? Een aantal elementen werden tijdens de debatten opgesomd. Zo moet het programma:
- een globaal kader vormen voor het milieubeleid voor de komende tien jaar;
- duidelijke banden creëren met de andere Europese strategieën, zoals de Strategie EU2020, de strategie rond duurzame ontwikkeling en andere transversale beleidsinstrumenten (zoals het actieplan voor milieu en gezondheid);
- becijferde doelstellingen bevatten voor alle milieusectoren.
Maar er is meer. Wenselijk is dat er aan het nieuwe programma ook voldoende denkwerk voorafgaat. Zo is er nood aan een betere definiëring van de instrumenten (inzake reglementering, evaluatie en sanctionering) van het Europese milieubeleid. Ook ontbreekt het aan goede hulpmiddelen voor goed bestuur en dit met betrekking tot:
- het regelgevingproces (eenvoudige, eenduidige en dwingende regels die worden aangevuld met economische instrumenten (prijzenbeleid, CO2-taxatie). Maar ook m.b.t. de evaluatie van de resultaten (indicatoren die verder gaan dan het BBP zoals de ecologische voetafdruk en impactevaluaties, waarbij de onafhankelijkheid wordt gegarandeerd);
- de concrete uitvoering (eerst van beter geformuleerde regels en vervolgens van internationale bijstands-, controle- en sanctiemechanismen).
Tenslotte werd tijdens het congres ook gewezen op de nood aan een nieuwe globale benadering gekoppeld aan duurzamere levenswijzen (consumptie, productie en gedrag). Omspringen met steeds schaarse energiebronnen en grondstoffen vraagt het stimuleren van groene technologie en meer energie-efficiëntie. Maar ook gedragsveranderingen en de aanpassing van onze levensstijl zijn levensnoodzakelijk.
Tijdens de Milieuraad van 20 december 2010 zullen de denkoefeningen en aanbevelingen omtrent de verbetering van de instrumenten van het milieubeleid aan de milieuministers van de hele Europese Unie ter bespreking worden voorgelegd.









